Anesthesie- en beademingsapparatuur vormen een essentieel onderdeel op de ICU en OK van het ziekenhuis of de zelfstandige kliniek. Patiënten worden beademd in een situatie waar zij dat zelf niet kunnen of onder anesthesie gaan voor een operatie. Een betrouwbaar anesthesie-/beademingstoestel draagt bij aan de patiëntveiligheid en heeft aanzienlijke invloed op het slagen van de behandeling. Goede controle en onderhoud van deze apparatuur is van levensbelang.
Bij preventief onderhoud worden de onderhoudsonderdelen vervangen en een algemene inspectie gedaan van het toestel. Hierna volgt de functionele controle en het meten van de beademingsparameters. Deze parameters worden gecontroleerd met behulp van een ventilatortester, ofwel gas flow analyzer. De beademingsparameters worden als volgt getoond op de ventilatortester zoals de VT650 of VT900. Bij het gebruik van de ventilatortester zijn er enkele belangrijke zaken om rekening mee te houden.

Instelling van de ventilatortester
Stel de ventilatortester bij het controleren van beademingsfuncties altijd in op bi-directioneel. Stel ook de meeteenheden in op de ventilatortester zoals op je beademingstoestel, bijvoorbeeld mbar of cmH₂O. Werk ook altijd met een juiste testlong aan de expiratoire zijde van het meettoestel.
Gasinstelling
Zorg ervoor dat de gasinstelling overeenkomt met de gasinstelling van het beademingstoestel. Wanneer de ventilatortester niet juist is ingesteld, kunnen er onjuiste metingen weergegeven worden. Vaak is het toegepaste gas perslucht of zuurstof, maar we zien in de praktijk dat een andere gasinstelling op de ventilatortester tot vreemde meetwaarden kan leiden.
Gascorrectiemodus
Wanneer de gasinstelling juist staat, is het van groot belang om te kijken naar de gascorrectiemodus. De drie voornaamste factoren hierbij zijn: omgevingstemperatuur, omgevingsdruk en vochtigheid. De beademingstoestellen worden door de fabrikant afgeregeld op een bepaalde gascorrectiemodus zoals in de tabel.

Wanneer bij het meten een andere gascorrectiemodus gehanteerd wordt, heeft dit invloed op de meetwaarden. Stel daarom de gascorrectiemodus altijd af op de correctiemodus van de fabrikant van het beademingstoestel. Dit wordt vaak aangegeven in de servicemanual.
In een volgend blog gaan we in op uitgebreidere analyse van een anesthesie- of beademingstoestel met de ventilatortester.