Elektrische veiligheid: limieten

Normwaarde of apparaatspecifiek?

Met apparaatspecifieke limieten signaleer je sneller afwijkingen dan met de norm alleen. Een 0-meting is een goed beginpunt.

In de praktijk ontvangen wij weleens de vraag: “er komt eigenlijk nooit iets uit de veiligheidsmetingen, waarom zouden we dat eigenlijk nog doen. De elektrische veiligheidstest valt eigenlijk altijd binnen de limieten van de norm?”. Hierbij delen we graag enkele inzichten.

We voeren al deze elektrische veiligheidstesten uit om een uitzonderlijk defect in een medisch apparaat op te sporen. Dit komt niet vaak voor, maar toch willen we zeker weten dat het apparaat veilig is voor de patiënt en gebruiker. We kunnen echter veel meer met deze meetwaarden.

Normlimieten

De limieten van de IEC60601 en IEC62353 zijn gerelateerd aan wat veilig is voor de patiënt. Dit betekent bij sommige metingen dat de grenswaarde bijvoorbeeld 5000 µA is, maar de werkelijk gemeten waarde 61 µA. Er moet dus veel gebeuren voordat de limiet wordt overschreden. Dat wil echter niet zeggen dat we niets met deze meetwaarde kunnen. Wanneer je een 0-meting uitvoert voor ingebruikname, of de 0-meting van de fabrikant overneemt, kun je deze als uitgangspunt nemen voor apparaatspecifieke limieten. De limieten van de norm zijn de absolute maximale waarden. Naar eigen inzicht strictere limieten hanteren mag natuurlijk altijd. Maar wat hebben we hier nu aan?

Apparaatspecifieke limieten

Apparaatspecifieke limieten helpen ons om veel eerder afwijkende ontwikkelingen in de meetwaarden te signaleren. Stel dat de gemeten 61 µA, voor ingebruikname van het apparaat, na drie jaar ineens is opgelopen tot 243 µA. Ondanks dat beide waarden nog ruim binnen de limiet van de norm vallen, kunnen we hier heel interessante informatie uit herleiden. Deze ontwikkeling kan duiden op een defect, slijtage of bijvoorbeeld verslechterde isolatie van het betreffende toestel. Wanneer we ons enkel focussen op de limiet van de IEC60601 of IEC62353 zal ons dit niet snel opvallen.

Nieuwe apparatuur

Wordt er nieuwe apparatuur in gebruik genomen? Dit is een goed moment om te beginnen. Voer een 0-meting uit volgens de IEC60601 en bedenk welke apparaatspecifieke limieten reëel zouden zijn. Deze kun je vervolgens in het apparaatspecifieke (IEC62353) protocol implementeren. Dit is een proactieve manier om de kwaliteit van de medische apparatuur nog beter in het oog te houden. Het kan je helpen om vroegtijdig afwijkende ontwikkelingen te observeren en daarmee erger te voorkomen.

Deel dit artikel met je omgeving

Andere artikelen

DENT sensor Met de DENT sensor kun je de dentale panoramische röntgensystemen controleren. De DENT sensor meet van 40 tot

De afdeling Femke van der Sloot werkt al twee jaar op de afdeling als klinisch fysisch medewerker. Kay van Nielen

Apneu door prematuriteit is aan de orde van de dag op de IC Neonatologie. De helft van prematuur geborenen heeft

In week vijf begint het hart van een foetus te kloppen, van 155 tot 195 slagen per minuut vóór de

Het uitvoeren van thoracale chirurgische ingrepen bij patiënten met specifieke anatomische uitdagingen kan een complexe taak zijn. Een volwassen patiënt

Heb je meer informatie nodig? Ik help je graag verder.

Teun

Kruithof

sales team leader Fluke Biomedical