De IDA infuuspomptester is een testinstrument dat veel en langdurig wordt ingezet. In veel ziekenhuizen worden volumetrische en spuiteninfuuspompen continu onderhouden en getest met de IDA. Op basis van gebruiks- en onderhoudservaringen delen we graag een aantal inzichten. Die zorgen ervoor dat het apparaat goed blijft werken en verkleinen de kans op storingen.
1. Meetkanaal elk kwartaal vullen met testvloeistof
Vul elk kwartaal de meetkanalen van je IDA infuuspomptester met testvloeistof en laat dit een nacht staan. Het membraan van de interne driewegklep kan namelijk indrogen. Hierdoor kunnen de meetkanalen gaan lekken, wat afwijkingen veroorzaakt in de flowmeting. Een klein deel van de vloeistof wordt dan via de driewegklep direct naar de outlet afgevoerd, en niet meegenomen in de meting. Door dit elk kwartaal te doen, voorkom je indrogen en lekkage.
2. Kanalen wisselend gebruiken
Gebruik de verschillende meetkanalen van je infuuspomptester afwisselend. In de praktijk wordt het eerste (linker) kanaal vaak het meest gebruikt. Door ook de andere kanalen regelmatig te gebruiken, blijven ze in betere conditie. Werk je met de IDA in combinatie met Ansur-software? Dan kiest de software automatisch het eerste open kanaal, waardoor afwisseling wat minder praktisch is.
3. Droogspuiten bij tijdelijk geen gebruik
Gebruik je de IDA tijdelijk niet, bijvoorbeeld tijdens de zomervakantie? Blaas dan de kanalen droog met een lege spuit. Zo voorkom je kalkaanslag, die metingen kan beïnvloeden.
4. Micro-90 reiniging
Voeg een kleine hoeveelheid Micro-90 toe aan de testvloeistof om aanslag in de meetkanalen te voorkomen. Micro-90 wordt meegeleverd bij de IDA. Let op: één druppel op één liter is voldoende. Combineer dit met de kwartaalvulling uit tip 1 en je zit helemaal goed.
Met deze tips houd je de meetkanalen van je IDA infuuspomptester in topconditie.